Prentje.

Posted on 23 november 2012

1



Aanleiding.

De MS Friesland van Rederij Doeksen zit vol. Schoolkinderen, groepjes, eilanders, een paar zakenlui in pak, echtparen, gezinnetjes met jonge kinderen.

De intercom dingdongt: “Dames en heren, hier volgt een oproep: is er een dokter aan boord? Wil deze zich melden bij het buffet op het Promenadedek?”

Kosthuis.

Wietse: een bijzondere kerel, eigengereid, maar met een warme persoonlijkheid. Zacht, soms een beetje afwezig, alsof de wereld te snel voor ‘m gaat. Geboren en getogen in een klein dorpje vlakbij Harlingen.

Z’n hele leven bij z’n ouders gewoond die 10 jaar geleden kort na elkaar zijn overleden. Daarna was hij flink vereenzaamd tot hij besloot om een aantal kamers in het ruime voorhuis aan eilander scholieren te verhuren.

Wietse ging namelijk met z’n zus ieder voorjaar een dag naar Terschelling. “Eilanders zijn goed volk“, vond hij. Dus die mochten de kamers huren.

Thee.

Ach, elke dag op de fiets naar Harlingen was niet veel verder dan de afstand die we moesten fietsen naar onze vorige school; het VMBO in Midsland.

Als we ’s middags thuis kwamen had Wietse thee gezet, koekje erbij, even kletsen.

Wietse kookte ook voor ons. Dat ging ‘m goed af, de laatste jaren had hij dat ook altijd voor z’n ouders gedaan. Niet dat hij daar veel over vertelde, maar soms maakte hij er een opmerking over.

Boerderij.

Wietse is op z’n vijftiende op de familie-boerderij gaan werken. Door een ongeluk raakte z’n vader een deel van z’n rechterarm kwijt.

Wietse werd van school gehaald. Zo ging dat in die tijd. Hij zat op de HBS, kon goed leren, was ijverig en secuur en haalde goede cijfers. Aardrijkskunde was z’n favoriete vak.

Contact.

Wietse had iets wat ik als onderkoelde diepgang zou omschrijven. Hij hield zich soms afwezig van de gesprekken maar kwam dan plotseling met een zeer scherpe en rake bijdrage.

Hij had de gave om zaken kort, kernachtig en nuchter te omschrijven en deed dat op een heel natuurlijke wijze. Naarmate wij langer bij hem verbleven verdiepte onze band zich.

Schoorsteenmantel.

Boven de kachel hing een enigszins verbleekte reproductie. Een onooglijk tafereeltje. Zicht op de Place du Tertre in Parijs; mensen, schilders, het gebruikelijke plaatje. Cliché. Zo’n onopvallend schilderijtje waar je geen aandacht aan schenkt.

Parijs.

Op een dag begon Wietse erover. Z’n ogen begonnen te glimmen. Dertig jaar geleden is hij met z’n ouders met een busreis naar Parijs geweest. De eerste en enige keer dat hij het buitenland heeft bezocht.

Zo te horen ging het om zo’n supertoeristische trip met bus-excursies en fooi-smekende rondleiders: het Louvre, de Eiffeltoren, Champs-Élysées. Voor Wietse wat het de reis van z’n leven. Aandoenlijk was het om hem te horen vertellen over Parijs en z’n indrukken.

Gevoel.

Het schilderijtje heeft daarna voor mij een andere betekenis gekregen. Synoniem voor Wietse’s bezoek aan de grote wereld als schril contrast met het leven op het Friese platteland.

Maar ook als sentimenteel symbool van wat Wietse gemist heeft: opleiding, ontwikkeling, eigen keuzes, een gezin, sociale contacten.

Als ik samen met Wietse was begon ik regelmatig over het schilderijtje, ik vond het fijn om te zien hoeveel geluk hij uitstraalde als hij er over vertelde.

Het prentje noemde hij het.

Afscheid.

Geslaagd! Diploma.

Verder in het leven. Weg bij Wietse. Echt op jezelf wonen. Zo gaat dat. Maar ik ging jaarlijks bij Wietse langs en belde hem ook van tijd tot tijd.

Pakketje.

Een jaar of twee geleden belde Wietse; hij ging verhuizen naar een bejaardenwoning in het dorp.

Enkele dagen later werd een pakketje bezorgd, ingepakt in een beduimeld bruinig papiertje, het adres geschreven in een bekend handschrift…

Het prentje.

Eiland.

Een paar weken geleden. Wietse aan de lijn, vanwege hun jaarlijkse dagje uit: “ik kom woensdag met m’n zus naar het eiland. Ben jij er dan?” 

“Nee, sorry Wietse. Dan ben ik aan de wal”.

Harlingen.

Toen de boot in Harlingen afmeerde stond de ambulance al klaar. De arts die toevalligerwijs aan boord was kon de patiënt stabiliseren waarna in vliegende vaart het MCL in Leeuwarden werd bereikt.

Wietse overleed nog dezelfde nacht.

-*-

-*-

-*-

 Met dank aan Cor v.d. Pol