De stoelendans die politiek heet.

Posted on 29 april 2012

1



Aanleiding.

Ik heb de laatste jaren van Willem Bemboom mee mogen maken: journalist, media-trainer, presentator Groot Dictee der Nederlandse Taal en auteur. Hij overleed in 2000. Een unieke man en een echte eilandfan.

Begonnen als regionaal journalist groeide hij uit tot politieke verslaggever van het NOS-journaal. Vervolgens werd hij de meest gevraagde media-trainer van Nederland en mocht hij het kabinet, topmanagers en het koninklijk huis tot z’n klantenkring rekenen.

Niet dat hij daarmee te koop liep; Willem was een bescheiden mens, een fijne vriend. Helaas heeft hij niet meer mogen beleven dat z’n gezin zich in 2001 op Terschelling vestigde.

Stamtafel.

Aan de stamtafel van Hotel Nap hadden wij fijne gesprekken. Over sport (Willem was fanatiek hardloper), media, politiek, het leven en andere zaken. Hij had een scherpe, analytische kijk op de wereld in het algemeen en de politiek in het bijzonder.

Vanuit deze gesprekken ontstond ook Willem’s betrokkenheid bij mijn Brandaris-1 april grap.

Politiek circuit.

Naar de politiek. Hij wees mij op een opvallend verschijnsel. Er is sprake van een incrowd circuit: (ex-)ministers, staatssecretarissen, 1e en 2e kamerleden, top-ambtenaren, burgemeesters & wethouders, CdK’s, vakbondsbestuurders, europarlementariërs en andere notabelen.

Binnen deze club worden functies in de (semi-)overheidssfeer, voorzitterschappen van branche- en overkoepelende organisaties, directie-functies, burgemeestersschappen, CdK-benoemingen, commissariaten, bestuurslidmaatschappen en andere functies verdeeld, zo stelde Willem.

Sindsdien let ik daar op. En inderdaad! Het klopt! Iemand verlaat het parlement en wordtna een bepaalde periode benoemd als burgemeester of in een andere functie. Als je in deze kaste zit is je kostje gekocht.

Enkele voorbeelden:

Thijs Wöltgens, Thom de Graaf, Elco Brinkman, Annemarie Jorritsma, Doekle Terpstra, Relus ter Beek, Hanja Maij-Weggen, Haijo Apotheker.

Houdbaarheidsdatum.

Maar Willem had nóg een stelling: De concrete periode waarin een minister of staatssecretaris effectief invloed heeft  is zéér beperkt.

Dit ga ik uitleggen.

Laten we even specifiek naar een regeringstermijn kijken en deze opdelen in een aantal periodes.

Vooraf: Exit kabinet, verkiezingen, onderhandelen, formatie.

De afloop van een oud kabinet en de aanloop naar een nieuwe regering vallen buiten de 4-jarige regeertermijn.

Maar: wanneer je (zoals nu het geval is) 3 maanden wacht op nieuwe verkiezingen en vervolgens voor de formatie ook 3 maanden uittrekt is het land een half jaar zonder regering. En dan heb ik het niet over de daaraan voorafgaande maanden van het Catshuis-overleg.

Jaar 1: Introductie, inwerken.

De nieuwe bewindspersoon is benoemd. Wanneer begonnen wordt met een tournee door het land van 100 dagen “om in contact te treden met maatschappelijke organisaties” zoals het kabinet Balkenende in 2007 deed, zijn er al ruim 3 maanden om.

Het duurt ongeveer een jaar voordat een leidinggevende alle “ins & outs”, interne verhoudingen, machtsspelletjes, concrete hiërarchie, bedrijfscultuur en andere details van het ministerie of deel ervan kent. Logisch: een ministerie is een complex bedrijf waarin een nieuwe leidinggevende altijd een “vliegende start” moet maken. Lastig!  Zeker als je dat vanuit een totaal andere discipline (politiek) moet gaan doen.

Jaar 2: Veranderingen, eigen stijl.

In de praktijk blijkt vaak dat jaar 2 beheerst wordt door de implementatie van de “eigen” stijl en visie van de nieuwe leidinggevende. Hakken in het zand, beheersen van interne strubbelingen (“wéér iemand die het wil veranderen!”) en dergelijke complicerende zaken beheersen het functioneren van de nieuwe baas.

Jaar 3: De effectieve fase.

Fijn! Onkruid is uitgeroeid, onwilligen weggepromoveerd; de klus kan beginnen. Tenminste: als het rustig blijft op het politieke front. Want daaraan ontbreekt het nogal de laatste jaren (…).

Jaar 4: Verkiezingen!

Met een beetje mazzel is men nog een paar maanden effectief. Maar al snel begint de verkiezingskoorts: machtsstrijd, congressen, verkiezingsdebatten, “de mensen in het land” ontmoeten. Kortom: weinig effectiviteit meer “on the job”.

CONCLUSIE: De effectieve, invloedrijke, visie-bepalende periode van een bewindspersoon is ongeveer een kwart van de regeringstermijn.

Maar wat dan wel?

Wordt het tijd voor een nationale manager? Met een staf van uitmuntende specialisten wordt het land bestuurd en maken zij de juiste keuzes. Professionals en vaklui op hun gebied. Internationaal gepokt en gemazeld. Nederland wordt bestuurd als een multi-national.

Of toch maar niet?

Tja, maar dan missen we wel de aanvaringen en debatten in de Tweede Kamer.

De vermakelijke klunzigheden en stekeligheden. De scherpe discussies. De 1-2-tjes. De handjeklap-akkoorden. De ruzies tussen Wilders en de rest: “Doe eens normaal man!”. Misschien hoort het gewoon bij ons.

En: zoals een oud Fries gezegde luidt: “Als het niet kan zoals het moet, moet het maar zoals het kan”.

Bedankt Willem!

Posted in: Politiek