5 misverstanden over de Waddeneilanden.

Posted on 6 december 2011

8



De Waddeneilanden zijn gastvrij. Ontvangen jaarlijks miljoenen toeristen. Voor een dag, weekend, meerdere weken. Daardoor kent bijna iedereen de Waddeneilanden. Maar toch bestaan er een aantal hardnekkige misverstanden over deze bijzondere oorden. Hoe goed we ons best ook doen; ze duiken steeds weer op.

Misverstand 1: op de eilanden is het altijd minder goed weer dan in de rest van het land.

Alle weermannen en vrouwen hebben de  gewoonte om in ieder praatje één of meerdere keren “op de eilanden enkele graden lager” te noemen. Soms wordt ook de suggestie gewekt dat hier meer neerslag en/of wind is, boven de Waddeneilanden hangt vaak een regenwolkje op de digitale kaarten. Vreemd!

Het is echter statistisch aangetoond dat op de eilanden 15% minder neerslag valt dan in de rest van het land én dat er 15% meer zonne-uren zijn. Door de matigende invloed van de zee zijn tevens de voor- en najaarsperiodes veel milder.

Misverstand 2: op de eilanden stikt het van de Duitsers.

Ook deze aanname klopt niet. Terschelling en Vlieland hebben een zeer laag percentage Duitse gasten, Texel het grootste: ± 28%, gevolgd door Ameland: ± 19% en Schiermonnikoog: 17%. De relatief hoge percentages op Texel en Ameland zijn te verklaren vanuit het feit dat Duitsers het op prijs stellen hun auto mee te nemen op vakantie.

Het is mij overigens nooit duidelijk geworden waarom de aanwezigheid van Duitse gasten negatief wordt beoordeeld. Persoonlijk heb ik er nog nooit moeite mee gehad. Alleen dat getrennt zahlen is wel eens lastig. Maar met een beetje overleg is daar een mouw aan te passen.

Misverstand 3: De havenplaatsen liggen ver van de Randstad af.

Gevoelsmatig wordt het noorden als ‘ver weg’ ervaren. Dat is niet terecht. Door de goede ontsluiting van bijvoorbeeld Harlingen (in tegenstelling tot Den Helder lopen er uitsluitend 4-baans wegen naartoe) is deze Friese Elfstedenstad van alle Waddenhavens het snelst bereikbaar vanuit de Randstad.

Misverstand 4: als er iets gebeurt is het ziekenhuis ver weg.

Uiteraard zijn er op de eilanden artsen, tandartsen en zelfs dierenartsen!  Als de situatie ernstiger is zijn er goede en snelle voorzieningen om bij calamiteiten patiënten snel in een ziekenhuis te kunnen afleveren. Afhankelijk van de ernst gebeurt dat met de reguliere veerdiensten (op alle schepen zijn goed geoutilleerde ziekenboegen), de supersnelle KNRM-schepen of snelle vaartuigen van andere rederijen, of, bij ernstige gevallen, per SAR of trauma-helicopter. Op de eilanden zijn vanzelfsprekend alle medische voorzieningen en ambulanceposten aanwezig.

Misverstand 5: als je écht iets wilt kopen of lekker uit eten wil moet je naar de vaste wal.

De Waddeneilanden hebben een uitgebreid winkelbestand, vooral de grotere eilanden. Mede door het toerisme is het aanbod aan winkels groter dan in vergelijkbare plaatsen met een identiek inwoner-aantal. Goede supermarkten, viswinkels (..), snuffelzaken, kledingwinkels, boekenwinkels, banken, traiteurs, garages, de onvermijdelijke souvenirwinkels en alle andere soorten detailhandel vind je daarom op de meeste Waddeneilanden.

Qua Horeca-niveau zit je op de Waddeneilanden ook goed. Door de veeleisende toeristen is men bewust en kwalitatief heel goed bezig met de bedrijfsvoering. De tijd van gammele bedden in schuurtjes en patatbakkers in een oude caravan is al tientallen jaren voorbij.

En dat is er ook nog een 6e misverstand. Maar daar heb ik het niet over…