Bouwvalduin Terschelling.

Posted on 26 oktober 2011

2



Aanleiding:

Leeuwarder Courant 22 oktober 2011. “Het dak van een lege loods aan het Groene Strand bij West-Terschelling is ingestort. Daarbij zijn asbestplaten in stukken gebroken … Het dak bestaat volgens de gemeente uit “asbestverdachte” platen … De vervallen schuur staat op het terrein van het voormalige aannemersbedrijf Boersma & Ybema. Eilanders en badgasten ergeren zich al jaren aan de omstreden “B&Y-locatie”, zoals deze in de volksmond wordt genoemd.”

Tot slot wordt wethouder Spanjer geciteerd: “Dat het dak nu is ingestort zal ongetwijfeld leiden tot een versnelde oplossing.’

Natuurlijk! Er is geen gevaar voor de volksgezondheid, want, zo stelt de gemeente: “Vermoedelijk is bij het instorten van het dak geen asbest in de omgeving verspreid…”. Dát is wat altijd overal wordt verklaard als asbest vrijkomt. Vreemd toch? Er gebeurt nooit iets met asbest waarbij er wél gevaar is voor de volksgezondheid! Maar dat terzijde.

Wat is er aan de hand?

Een ware soap. De bedoeling is om de locatie te ontwikkelen tot een appartementengebouw. Jaren geleden was de verkoop van deze appartementen zelfs al opgestart! Inmiddels is het weer in andere handen (projectontwikkelaar Segesta) overgegaan. De aftakeling schrijdt intussen voort. En uitgerekend deze bouwval vormt één van de eerste uitzichten van ons eiland vanaf de aankomende veerboten.

Wat er precies aan de hand is ontgaat mij als argeloze toeschouwer. Het heeft in ieder geval te maken met het feit dat strandpaviljoen de Walvis verplaatst zou moeten worden. Conform de bouweisen zou deze te dicht bij de appartementen komen te staan. Maar er is oneningheid: rechtszaken, discussie over wie hoeveel aan wie moet betalen, kortom gedoe. 

Hoe het kan dat andere horecabedrijven op het eiland wel direct naast woningen zijn gevestigd is mij een raadsel, maar óók dit terzijde.

De gemeente is er klaar mee en steekt er geen energie meer in. Zij staat op het standpunt dat de kiftende partijen eerst tot een compromis moeten komen.

Nog één

In Formerum aan Zee staat het “Punthoofd”. Een voormalig appartementencomplex, daarna in gebruik als asielzoekerscentrum. Nu een droevig, verpauperd, half gesloopt gebouw. Van tijd tot tijd hoor je over plannen van deze locatie. Maar vooralsnog gebeurt er niets.

Het fijne weet ik er niet van, hoewel ik letterlijk naaste betrokkene ben geweest. Ik weet echter wel dat dit pand ook het gemeentebestuur een doorn in het oog is. Ik weet tevens dat er meerdere partijen interesse hebben om dit project te ontwikkelen, kansen genoeg dus op het eerste gezicht.

Dus: nóg een bouwval op een markante, mooie plek. Zonde toch? Een gemiste kans.

Dellewal

In West stond (in 2009 gesloopt) de voormalige discotheek Dellewal. In 2003 is deze roemruchte uitgaansgelegenheid gekocht door de gemeente Terschelling. De aankoop kwam destijds op mij impulsief over.

Inmiddels zijn er vele plannen, initiatieven en ideeën de revue gepasseerd: een hotel, koopappartementen, Centrum voor Natuur en Landschap, gemeentehuis, ouderenhuisvesting, een multifunctionele toepassing met zorghotelkamers (gedetailleerd uitgewerkt plan van WoonFriesland), restaurant, Oerolwerkplaats, theaterzaal en ga zo maar door.

Niets is gerealiseerd. De eilander politiek krijgt het niet voor-elkaar hierover spijkers met koppen te slaan. Triest hoogtepunt: de afwijzing door de gemeenteraad van het eerdergenoemde WoonFriesland-plan (waar intensief en lang aan gewerkt is mét behulp van eilander partijen).

Maar… Volgens een berekening van één van die eilander politieke partijen heeft Dellewal de gemeente inmiddels een kleine 3.5 miljoen Euro gekost.

De zwarte Piet.

Het is schijnbaar niet gemakkelijk om een oplossing te bedenken voor deze impasses. De gemeente en SBB hebben niet voldoende machtsmiddelen én dienen zich te houden aan de regels en wetten. De andere betrokkenen hebben allemaal hun eigen afwegingen…

Ik weet echter wél dat de geschetste situaties geen reclame zijn voor het eiland en aangepakt dienen te worden. Linksom of rechtsom. Ik kan me niet voorstellen dat géén van de betrokkenen mogelijkheden heeft om met sancties te komen, een compromis te bereiken of een nieuw initiatief te ontplooien.

I